Organisatie

5.1 Medewerkers

Werken bij het UMCG betekent kiezen voor een uitdagende werkomgeving met enorm veel mogelijkheden. Talentontwikkeling is gezien onze ambities onlosmakelijk verbonden aan het werken in het UMCG.
Toch is te zien dat deze ambities zorgen voor hoge werkdruk, zeker in combinatie met krapte op de arbeidsmarkt. Hierdoor komt ‘ontwikkeling’ nog wel eens onder druk te staan. Het is cruciaal dat we als professionals en als organisatie oog blijven houden en tijd blijven vrijmaken voor reflectie, ontwikkeling en professionele groei.

2018 gaf op dat vlak grote uitdagingen. Het traject om te komen tot een nieuwe cao was niet eenvoudig. Onder de cao-discussies was een duidelijke roep om waardering en erkenning voor de situatie van werkdruk hoorbaar. Medewerkers hebben diverse acties gevoerd om dit signaal af te geven. Gedurende het jaar slaagden we er beter in om elkaar te horen en te verstaan, en werden de genomen maatregelen ook beter zichtbaar voor diverse groepen. Uiteindelijk zijn we blij met het resultaat, waarin niet alleen een goede verbetering van de arbeidsvoorwaarden overeengekomen is, maar ook goede gezamenlijke afspraken over het aanpakken van werkdruk en werk maken van generatiebeleid. De aanzet is gemaakt om meer ruimte te creëren voor scholing – ook in tijden van schaarste – en dit zal zijn weerslag vinden in een UMCG breed opleidingsplan dat in 2019 vastgesteld gaat worden. Als voorloper hierop zijn belangrijke stappen gezet in het concretiseren en verbreden van de academische loopbaan, via het nieuwe academisch loopbaanbeleid. 

Al met al hebben we veel gevraagd van onze collega’s in 2018. Diep respect en grote waardering is op zijn plaats voor de prestatie die in alle onderdelen van de organisatie is geleverd in een bijzonder en hectisch jaar.

Gezonde, goed functionerende, gekwalificeerde en bevlogen medewerkers zijn essentieel voor patiëntenzorg, wetenschappelijk onderzoek, onderwijs en innovatie op hoog niveau. Medewerkers in het UMCG leren en ontwikkelen zich continu en het UMCG is daarnaast altijd op zoek naar talentvolle medewerkers met nieuwe ideeën over hoe het beter kan. Het UMCG probeert iedereen de ruimte te geven om te excelleren en te innoveren.
Gemotiveerde en kundige medewerkers zijn een cruciale voorwaarde om de missie en visie van het UMCG te realiseren. Dit vraagt een inspirerende cultuur met aandacht en ruimte voor persoonlijke ontwikkeling, het stimuleren van nieuwe manieren van denken en ontwikkeling van het aanpassingsvermogen van medewerkers om om te gaan met continue verandering. Ook zorgt dit ervoor dat professionals hier graag werken en dat iedereen zich welkom voelt. Medewerkers die plezier hebben in het werk, stralen dit uit naar collega’s, patiënten, studenten en andere stakeholders. Dit verhoogt de kwaliteit van ons werk.

In 2018 waren er weer veel grote projecten die tegelijkertijd liepen, tegelijkertijd had het UMCG te kampen met toenemende arbeidsmarktkrapte en het ervaren van toenemende werkdruk, waarbij er wederom heel hard gewerkt is door alle medewerkers. Dit vraagt expliciete aandacht voor: ‘zie de mens’.
'Zie de mens' verwijst naar onze belangrijkste drijfveer naast Healthy Ageing: van mens tot mens in alles wat we doen. Daar kunnen we elkaar niet vaak genoeg aan helpen herinneren. ‘Zie de mens’ is cruciaal om onze ambities te halen.
Voor excellente zorg dienen we de patiënt als partner te zien. Doorbraken in excellent onderzoek zijn mogelijk wanneer verschillende onderzoeksgebieden volwaardig samenwerken. Excellent onderwijs en opleiding vereist een veilige en inlevende verbinding tussen student en docent. 'Zie de mens' zorgt voor een veilige omgeving, een welkom gevoel en hoge kwaliteit. In tijden waarin werkdruk, schaarste en regelgeving veel van ons vragen, is het belangrijk om de drijfveer ‘zie de mens’ telkens concreet te maken.

5.1.1 Ontwikkeling

Healthy@Work / duurzame inzetbaarheid en mensenwerk
Onderzoek, onderwijs en zorg in het UMCG zijn gericht op gezond en actief ouder worden (Healthy Ageing). Wat het UMCG de patiënten adviseert, vraagt het UMCG haar medewerkers ook. Wij stimuleren bij alle UMCG-medewerkers: eigen regie voeren op sociaal, fysiek, emotioneel gebied en op duurzame inzetbaarheid. Zo leveren medewerkers met elkaar een bijdrage aan de gezonde samenleving en daarmee zowel in het UMCG als daarbuiten, geven zij het goede voorbeeld. In 2018 is gezamenlijk met alle UMC’s en de vakbonden afgesproken dat we gaan werken aan het stimuleren van duurzame inzetbaarheid en het verminderen van de ervaren werkdruk. De contouren hiervoor zijn in 2018 neergezet en worden in 2019 verder uitgewerkt en gerealiseerd.

De ‘Healthy@Work-kapstok’ is een mooie basis voor de nadere uitwerking. De thema’s duurzame inzetbaarheid en healthy at work worden in 2019 steeds mee geïntegreerd.
Een vast onderdeel is de jaarlijkse Healthy@Work-week, in 2018 uitgebreid met een maandelijks ‘broertje’: de Healthy Monday. In 2019 is het 10-jarig lustrum van de Healthy@Work-week met onder andere de lancering van de Samen gezond portal van Menzis-UMCG. Een belangrijk onderdeel van duurzame inzetbaarheid is de Sofokles-subsidie voor sociale innovatieprojecten op het gebied van: werk & behoud van je werk en vitaal in je werk. Dit biedt de organisatie middelen die ingezet kunnen worden voor de grotere UMCG brede thema’s, zoals duurzame inzetbaarheid van de verpleging en zorgadministraties en voor allerlei initiatieven op afdelingen. In 2018 zijn er zo’n 20 initiatieven in gang gezet met behulp van de Sofokles-subsidies, variërend van Health Checks tot Nacht-dienst-verbeteraars en sterk-in-je-werk initiatieven. De Sofokles-initiatieven lopen door in 2019.

Passend bij alle ontwikkelingen hebben we in 2018 een start gemaakt om de beschikbare middelen in te zetten om mobiliteit te stimuleren. Er is ingezet op meer gezamenlijke werving bij schaarse beroepen en Nextnurse waarbij verpleegkundigen in dienst worden genomen zonder ziekenhuiservaring. Zij volgen een speciaal introductieprogramma om het ziekenhuis in de volle breedte te leren kennen. In het kader van Ruimte voor Groei & Innovatie zal ook in 2019 ingezet worden op de interne mobiliteit en ondersteuning van onze medewerkers.

Mensenwerk ondersteunt dit soort activiteiten en stimuleert medewerkers om eigen regie te nemen op hun loopbaan om zo de toekomst een stap voor te zijn. Mobiliteit en talentontwikkeling zijn de belangrijkste aandachtsgebieden. Vanuit de focus op interne mobiliteit is besloten om in 2017- 2019 (vooralsnog) de laatste groep externe trainees aan te nemen in het kader van het  traineeshipprogramma Next.
Daarnaast zijn er diverse initiatieven vanuit de organisatie gericht op plezier in het werk, ‘pionieren’ is de overkoepelende term die we voor dit soort initiatieven gebruiken.

Leiderschapsontwikkeling
Leidinggevenden hebben een belangrijke rol bij het creëren van een klimaat waarin de medewerkers zich kunnen ontwikkelen en met plezier het werk doen. Om leidinggevenden te ondersteunen en te inspireren bij het invullen van hun rol in een meer op gezamenlijkheid gerichte organisatie met een goed en veilig werk- en leerklimaat, bieden wij diverse mogelijkheden aan op het gebied van leiderschapsontwikkeling. Met zowel aandacht voor het werk als voor de mensen die het werk doen.

In 2018 hebben de Raad van Bestuur, afdelingshoofden, directeuren, managers en hoofdverpleegkundigen meegedaan aan de leiderschapsbijeenkomsten en is voor deze doelgroepen de leiderschapstraining ‘ Leiding geven als Professie’ gestart. Deze leiderschapstraining vindt ook in 2019 plaats. Het thema leiderschap komt nadrukkelijk terug in de beleidsoverleggen en jaargesprekken vanuit de Raad van Bestuur. Leiders in het UMCG halen inspiratie en leermomenten tijdens intervisiebijeenkomsten en de Food-For-Thought lezingen.

De leiderschapsbijeenkomsten zullen in 2019 nog meer gericht zijn op onze gezamenlijke koers. Welke doelstellingen hebben we te realiseren, wat zijn mogelijke wegen en middelen en hoe komen we tot keuzes en wat vraagt dit van ons leiderschap. Daarnaast wordt ingezet op learning on the job. De RvB-leden gaan op werkbezoek en zijn in gesprek gegaan met groepen medewerkers om goed voeling te houden met wat er leeft en speelt. Dit is enthousiast ontvangen en wordt in 2019 uitgebreid. In 2018 hebben meer dan 300 medewerkers gebruik gemaakt van het open aanbod aan leiderschapsopleidingen. Dit is exclusief teamcoaching op afdelingen en dergelijke.

Medewerkeronderzoek in Dialoog
Met behulp van de methodiek van Synthetron (Synthetron is een online discussieprogramma dat groepen mensen in staat stelt met elkaar ideeën uit te wisselen) zijn de medewerkersdialogen in 2018 voortgezet. Deze innovatieve aanpak past goed in het gedachtengoed over leiderschap in het UMCG. Anoniem wordt online met elkaar in discussie gegaan over wat goed gaat binnen het team, wat beter kan en hoe hier aan gewerkt kan worden. Medewerkers worden zo op actieve wijze betrokken bij het functioneren en waar mogelijk verbeteren van het team. In de afgelopen drie jaar hebben 1.559 deelnemers meegedaan.

Begin 2019 is het instrument van de medewerkersdialogen geëvalueerd. Geconcludeerd is dat de dialogen als teamtevredenheidsmeting en interventie instrument een waardevolle aanvulling bieden op het beschikbare assortiment. Voor deze doeleinden blijven de dialogen beschikbaar. Als medewerkertevredenheidsmeting voor het UMCG bieden de dialogen echter te weinig houvast. Hier wordt een alternatief instrument voor gezocht.

De Participatiewet
Begin 2015 is de participatiewetgeving ingevoerd met tot doel om mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt aan betaald werk te helpen. Vanuit maatschappelijk verantwoord ondernemen en het nastreven van inclusiviteit is het voor het UMCG als grote werkgever in de regio vanzelfsprekend om iets te betekenen voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Het UMCG streeft ernaar vanuit een banenafspraak tussen overheidswerkgevers om 22 afspraakbanen per jaar te realiseren, uitkomend op totaal ruim 200 afspraakbanen eind 2023.

In 2018 is er ingezet op het aanbieden van een cursus aan werkbegeleiders, het organiseren van een informatiebijeenkomst voor leidinggevenden en het opzetten van een coördinerend loket. Dit om te komen tot kwalitatieve verbetering van de begeleiding voor de doelgroep, om leidinggevenden te enthousiasmeren voor en te ontlasten bij het realiseren van deze banen. Ook is er de keuze gemaakt om de komende jaren deze banen vanuit een centraal beheerd budget te financieren. Eind 2018 zijn er in het UMCG 90 afspraakbanen en is er nog steeds sprake van een toename. Vanuit een landelijk netwerk is er besloten aandacht te vragen bij het ministerie voor de gesignaleerde knelpunten die de uitvoering van deze wetgeving met zich meebrengt en de specifieke posities van UMC’s daarbinnen. Dit doordat ook vele functies raakvlakken hebben met de patiëntenzorg en waarvoor specifieke eisen vereist zijn. Ook in 2019 zet het UMCG zich in om de benodigde inspanningen te blijven leveren voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, waarbij de nadruk dan vooral zal liggen op behoud van het huidige aantal afspraakbanen en te bekijken of het onderwerp beter ingebed kan worden binnen de bredere leest van inclusiviteit en diversiteit.

Diversiteit en inclusiviteit
Het UMCG streeft naar diversiteit in de samenstelling van personeel, zowel qua nationaliteit als de verdeling man-vrouw. In 2018 waren 97 nationaliteiten werkzaam in het UMCG. Wanneer het gaat om het evenwicht tussen mannen en vrouwen, dan is in zowel de medisch-wetenschappelijke als de wetenschappelijke carrièrelijn nog een achterstand te zien van het aantal vrouwen in de top. In het algemene strategisch en tactisch management is de verhouding meer gelijkmatig (zie onderstaande tabellen). Naast het bijhouden van de man-vrouw verdeling aan de top, is in 2018 gestart met het registreren van en nog nadrukkelijker sturen op de samenstelling van de benoemingsadviescommissies en het ‘ritsend’ uitnodigen van mannelijke en vrouwelijke kandidaten bij vacatures. Omdat de streefcijfers nog niet op het gewenste niveau zijn, zal in 2019 gekeken worden naar additionele maatregelen.

Verdeling man/vrouw 31 december 2018

Verdeling man/vrouw 31 december 2018
Categorie Totaal Man Vrouw % Vrouw
Medisch wetenschappelijke carrièrelijn        
Afdelingshoofden 32 28 4 13%
Hoogleraar 101 79 22 22%
Opleider 42 32 10 24%
Medisch Specialist (UMS- excl.hoogleraren) 667 358 309 46%
AIOS 530 200 330 62%
         
Wetenschappelijke carrièrelijn        
Afdelingshoofden 8 6 2 25%
Hoogleraar 145 107 38 26%
UHD ( incl. Tenure track) 100 69 31 31%
UD 133 80 53 40%
Onderzoeker 426 153 273 64%
MD-PhD 105 36 69 66%
         
Management carrièrelijn        
Strategisch en tactisch management 64 44 20 31%
Overige management functies incl. HV's 904 413 491 54%
         
Specifieke managementfuncties        
(Sector)directeuren 17 10 7 41%
Managers (zorg &) bedrijfsvoering -  schaal 12+ 102 49 53 52%
Hoofdverpleegkundigen 35 7 28 80%

Percentage vrouw per functiecategorie - 2010, 2017, 2018 en streefcijfer 2020

Percentage vrouw per functiecategorie - 2010, 2017, 2018 en streefcijfer 2020
Categorie 2010 2017 2018 Streven 2020
Medisch wetenschappelijke carrièrelijn        
Afdelingshoofden 14% 12% 13% 31%
Hoogleraar 13% 21% 22% 21%
Opleider 9% 22% 24% 27%
Medisch Specialist (UMS- excl.hoogleraren)   45% 46%  
AIOS   62% 62%  
         
Wetenschappelijke carrièrelijn        
Afdelingshoofden 0% 22% 25% 45%
Hoogleraar 23% 25% 26% 29%
UHD ( incl. Tenure track) 21% 31% 31% 26%
UD   40% 40%  
Onderzoeker   61% 64%  
MD-PhD   66% 66%  
         
Management carrièrelijn        
Strategisch en tactisch management 28% 32% 31% 38%
Overige management functies incl. HV's 48% 53% 54% 48%

Nieuwe HR-systemen
In 2018 is de implementatie van een aantal HR-gerelateerde systemen voorbereid gericht op personeelsprocessen, leren, bevoegd- en bekwaamheden, rechtentoekenning (IAM) en communicatie. Het roosterpakket heeft een belangrijke upgrade ondergaan. Eind 2018 is het nieuwe LeerManagementSysteem live gegaan waarin iedere medewerker zijn kwaliteitspaspoort kan bijhouden en E-learning plaatsvindt. Per januari 2019 is AFAS Insite live gegaan als nieuw personeels- en salarissysteem. Tegelijk met de invoering is een aantal ‘papieren’ personeelsprocessen gedigitaliseerd. Er is een nieuw IAM-systeem (Identity Access Management) aangeschaft dat in 2019 geïmplementeerd wordt.
Ten slotte wordt hard gewerkt aan het vervangen van het intranet en internet van het UMCG, inclusief mogelijkheden voor beter digitaal (samen)werken via Office 365.
Met al deze vernieuwingen is een belangrijke basis gelegd voor een moderne manier van samenwerken en personeelsmanagement, die in 2019 verder wordt uitgebouwd.

Programma Lean Six Sigma en procesverbetering in het UMCG
Het programma Lean Six Sigma (LSS) heeft als doelstelling bij te dragen aan procesverbeteringen en verhogen van de doelmatigheid in het UMCG binnen de kerntaken zorg, onderwijs en onderzoek. In 2018 hebben in totaal 40 medewerkers een training tot Yellow/Orange of Green Belt gevolgd (lees hier mee over de LSS-beltstructuur). Naast deze trainingen werkten de al eerder opgeleide belts verder aan het zelf verbeteren van werk- en zorgprocessen. Vanaf 2007 zijn er in totaal: 25 Black Belts, 211 Green Belts, 259 Orange Belts en 1.418 Yellow Belts opgeleid. Hierbij gaat het om medewerkers die binnen hun functie en werkprocessen werken aan continue procesverbeteringen.

5.1.2 Strategische Personeelsplanning

De personeelskrapte was in 2018 duidelijk merkbaar. Door een opeenstapeling van factoren bleef de instroom van nieuwe opgeleide collega’s achter bij de vraag. Dit gold voor een aantal beroepsgroepen, maar was vooral voelbaar bij de verpleegkundigen en de klinisch ondersteuners. Door gebrek aan opgeleid personeel moesten in 2018 enkele OK’s gesloten worden. De druk in de ‘keten’ van verpleegafdelingen, Intensive Care en operatiekamers nam enorm toe. Er is op alle fronten actie ondernomen om de instroom te vergroten (Samen Werven, Next Nurse traineeprorgamma) en de bezetting te verruimen (extra formatieruimte voor verpleging, leerling bovenformatief). Uiteraard is ook goed gekeken naar het beperken van de uitstroom, zodat we zoveel mogelijk de patiëntenzorg konden continueren. Ook onorthodoxe maatregelen als een bindingspremie voor een aantal schaarse beroepsgroepen bleken noodzakelijk. Door de combinatie van maatregelen konden we eind 2018 constateren dat de ‘weg terug’ weer was ingeslagen, al is het gebrek aan voldoende (ervaren) collega’s ook in 2019 op een groot aantal afdelingen voelbaar.

Om de ontwikkelingen proactief organisatiebreed te zien en daarmee tijdig bij te sturen, is in 2018 verder gewerkt aan Strategische Personeelsplanning (SPP). Als deelproject onder het programma VIP&KO is een tweetal metingen uitgevoerd, waarbij alle leidinggevenden van verpleegkundige afdelingen betrokken zijn. Niet alleen hebben we hierdoor beter zicht waardoor we bijvoorbeeld proactiever kunnen opleiden en werven, we werken ook aan beter inzicht bij onze leidinggevenden.

In 2019 worden de metingen gecontinueerd en gekoppeld aan de regionale en landelijke uitvraag. Via Samen Werven en de regionale samenwerking wordt de schaarste (zichtbaar vanuit de SPP) effectiever aangepakt. Ook voor andere beroepsgroepen zullen we SPP verder uitbouwen. Veranderingen in de beroepsgroep zoals meer deeltijdbanen, hogere specialisatiegraad en schaarste op de arbeidsmarkt, spelen bij veel van onze beroepsgroepen. Denk hierbij aan AIOS, gespecialiseerde zorgberoepen, maar ook in een aantal ondersteunende beroepen. Elk van deze beroepen vragen een SPP-aanpak met andere accenten.
In NFU verband wordt in 2019 de Arbeidsmarktmonitor ingevoerd.

5.1.3 Personele samenstelling

Het aantal medewerkers van het UMCG bedroeg eind 2018 12.871. De verdeling van medewerkers over de verschillende functiegroepen is opgenomen in onderstaand diagram. 

Personele samenstelling - aantal medewerkers per functiegroep

Ziekteverzuim
Het verzuimpercentage van het UMCG lag in 2018 op 5,27%. De meldingsfrequentie was 1,05. Dat wil zeggen dat de verzuimende medewerkers zich gemiddeld iets vaker dan één keer per jaar ziek hebben gemeld. Van de medewerkers heeft 50,95% niet verzuimd. Het verzuimpercentage is fors gestegen in 2018, deze trend zien we in heel Nederland. Naar de oorzaken hiervan wordt nader onderzoek gedaan en zo nodig worden concrete maatregelen getroffen. In 2019 zal het verzuimbeleid worden aangepast en wordt extra ingezet op preventie en het terugdringen van langverzuim.
In onderstaande tabellen vindt u de ontwikkeling van de verzuimcijfers in de periode 2014-2018. 

Ziekteverzuim

Niet-verzuimende medewerkers

Arbeidsongeschiktheid
In 2018 zijn 16 WIA-toekenningen (wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen ) geweest: 11 WGA-uitkeringen (gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid) en 5 IVA-uitkeringen (volledig en duurzaam arbeidsongeschikt). In 2017 waren er 11 WGA-uitkeringen en 8 IVA-uitkeringen.

5.1.4 ARBO en veiligheid

Verbeteringen op het gebied van veiligheid hebben hun doorwerking op alle bedrijfsprocessen binnen het UMCG. Leidinggevenden dragen de verantwoordelijkheid voor een veilige werkomgeving voor hun medewerkers. Medewerkers dragen verantwoordelijkheid voor hun eigen veiligheid.

Infectiepreventie
Nieuwe medewerkers, stagiaires, coassistenten, vrijwilligers, (buitenlandse) gasten en externen worden voor hun eigen veiligheid en de veiligheid voor patiënten allen voor aanvang van de werkzaamheden in het UMCG gescreend op infectieziekten (TBC, MRSA, Hepatitis B). Dit gebeurt zoveel mogelijk schriftelijk. Indien noodzakelijk vindt een onderzoek plaats door Arbeid & Gezondheid (A&G). In 2018 zijn 4.316  mensen door A&G gescreend met behulp van een vragenlijst, een stijging van 6% ten opzichte van 2017. In 2018  heeft een TBC contactonderzoek plaatsgevonden, hierbij zijn 137 medewerkers gescreend. Er zijn geen besmettingen geconstateerd. In 2018 zijn 14 medewerkers MRSA-positief bevonden (in 2017 waren dit 11 medewerkers). A&G werkt nauw samen met de afdeling Medische Microbiologie (MMB) om te zorgen dat deze mensen zo snel mogelijk vrij van MRSA zijn en weer ingezet kunnen worden. De behandeling en begeleiding van de medewerkers verloopt via de polikliniek Infectieziekten door een infectioloog en een gespecialiseerd verpleegkundige. 

Gevaarlijke stoffen
In 2018 is de uitrol van het verplichte registratiesysteem GROS (Gevaarlijke stoffen Registratie en OpsporingsSysteem) voor gevaarlijke stoffen in (onderzoeks)laboratoria voortgezet. De meeste laboratoria (65%) registreren inmiddels actief hun gevaarlijke stoffen in GROS. De afronding vindt in 2019 plaats.

Tegengaan agressie en ongewenst gedrag
In 2018 is op intranet voor alle medewerkers een geactualiseerd overzicht gepubliceerd van alle relevante documentatie over dit onderwerp onder de titel ‘Jouw Veiligheid’.

Meldingen van onveiligheid en (bijna) ongevallen hebben tot doel ervan te leren en zaken te verbeteren. De veiligheid van de UMCG-medewerkers wordt hierdoor verbeterd en de kans op incidenten teruggebracht. Het is belangrijk dat de gevaren en bijbehorende risico’s bekend zijn bij de leidinggevenden en de medewerkers zodat de juiste veiligheidsmaatregelen worden genomen (preventief).

Meldingen arbeidsongevallen medewerkersveiligheid

Meldingen arbeidsongevallen medewerkersveiligheid
  2014 2015 2016 2017 2018
Aantal arbeidsongevallen via meldportaal op intranet 124 113 145 166 135
Aantal agressie/geweldsincidenten via meldportaal op intranet 64 64 87 120 136
Aantal incidenten met patiënten materiaal (prik-, snij- en spatincidenten) 162 193 184 193 152
Totaal 350 370 416 479 479

Het afgelopen jaar is een daling van het aantal gemelde arbeidsongevallen/incidenten te zien. In 2018 is wederom een stijging te zien van het aantal meldingen waarbij sprake is van agressie en ongewenst gedrag. Het betreft meldingen die zijn gemeld via het Meldportaal. Het aantal incidenten met patiëntmateriaal is gedaald. Een melding kan meerdere slachtoffers betreffen.

We zien dat de meldingsbereidheid toeneemt. Dit betekent dat we niet kunnen concluderen dat het aantal incidenten met agressie en geweld daadwerkelijk toeneemt.
Door de veiligheidskundigen wordt contact gezocht met afdelingshoofden om agressie/ongewenst gedrag meldingen te bespreken en advies te geven voor verbetermaatregelen. Voorbeelden van deze maatregelen zijn: toepassen alarmknoppen (bij activeren komt Beveiliging), plaatsen beveiliger (bijvoorbeeld bij recidivisme of patiënt met strafblad), ruimtes minder toegankelijk maken, goed inrichten werkplekken (waaronder ook balies), instructie/scholing omgaan met agressie/ongewenst gedrag via het Wenkebach Instituut (met acteurs), verwijzen naar de site “Mijn Veiligheid” op intranet, inschakelen wijkagent.

Human Factors/Ergonomie
De discipline Ergonomie van Arbeid & Gezondheid adviseert vanuit de Human Factors benadering. Dit betekent dat, met de mens als centraal vertrekpunt, wordt gekeken naar de interactie van de medewerker en zijn werkomgeving/-omstandigheden op het gebied van cognitie, gedrag, fysiek, organisatie en sensoriek. Aan de hand van een werkonderzoek individueel of afdelingsbreed wordt informatie over alle gebieden geïnventariseerd om tot advies op maat te komen. Bij ver- en nieuwbouw wordt steeds eerder en beter Ergonomie betrokken. In 2018 hebben we extra geïnvesteerd in ergocoaches, zodat er veiliger en duurzaam gewerkt kan worden.

5.2 ICT

In 2017 is met de implementatie van het ERP (SAP), het nieuwe EPD (Epic) en overige belangrijke IT-systemen een duidelijke basis gelegd voor de informatievoorziening (IV). In 2018 is voortgebouwd op deze stabiele basis door het uitvoeren van vervolgprojecten  van het EPD en het ERP, waarin functionaliteiten zijn uitgebouwd en waarbij de systemen op meerdere afdelingen zijn geïmplementeerd. Verder is gewerkt aan de continuïteit van ICT systemen, waarbij veel aandacht uitging naar de vervanging van P&O systemen.

Implementatie InSite
Op 2 januari 2019 is het nieuwe P&O systeem ‘InSite ‘ succesvol geïmplementeerd. Dit systeem biedt veel mogelijkheden om zowel de medewerker als de managers zelf zaken te laten regelen. Ook het verouderde salarissysteem is vervangen door een nieuw systeem (zie paragraaf 5.1.1 voor meer informatie over deze nieuwe HR-systemen).

ICT Infrastructuur op Orde
Naast de vervanging van het HR systeem is in 2018 veel geïnvesteerd in de robuustheid van de ICT infrastructuur. Binnen het programma ‘Infrastructureel op orde’ is op basis van een risicogerichte analyse een aantal onderwerpen in de ICT infrastructuur aangepakt. Zo zijn verouderde besturingssystemen van servers vervangen door nieuwere versies, zijn een twintigtal primaire applicaties hoog beschikbaar gemaakt en zijn de nodige risico’s op gebied van beveiliging van het netwerk aangepakt.

Project portfolio management
In totaal zijn in 2018 circa 30 projecten afgerond. Naast vervanging van de P&O systemen en projecten rondom de ICT infrastructuur betreffen dit onder andere projecten rondom telefonie,  verbeterde WiFi en de vervanging van middleware van het Patient DataManagement Systeem.
Deze projecten behoorden tot een bewust gekozen set aan projecten; de IV (informatievoorziening) projectportfolio. In de IV-projectportfolio worden gedegen keuzes gemaakt over het al dan niet uitvoeren van (nieuwe) ICT-projecten, afgestemd op de behoefte en strategie van het UMCG. De IV-projectportfolio wordt bestuurd door de IV-Board. Er wordt op maandelijkse basis gemonitord op voortgang binnen de afgesproken grenzen op gebied van onder andere planning en budget.

Informatieplannen
In 2018 is er gestart met het maken van informatieplannen. Het doel van deze plannen is het verbeteren en uitbreiden van de informatievoorziening zodat de professionals in het UMCG zo goed mogelijk ondersteund kunnen worden in hun werkzaamheden. In de plannen staat wat de huidige situatie is op gebied van IV en data en hoe de gewenste situatie eruit ziet. Er zijn informatieplannen opgesteld voor en door de verschillende domeinen van het UMCG: Zorg, Onderzoek, Onderwijs & Opleiding (O,O&O), Bedrijfsvoering en Medische Informatie Technologie (MIT). Deze vier plannen voeden vervolgens het UMCG-brede informatieplan, waarin de algemene visie op informatievoorziening uiteengezet is. De informatieplannen zijn de basis geweest voor het opstellen van het IV projectenportfolio voor 2019 en verder.

Vooruitblik 2019
Nu het fundament voor het EPD, ERP en de P&O systemen is gelegd, wordt verder gewerkt aan optimalisatie van deze platformsystemen. Daarnaast wordt in 2019 ook gewerkt aan de verbetering of vervanging van overige bedrijfskritische systemen, zoals een geintegreerd systeem voor beeldopslag, een systeem voor identiteits en toegangscontrole (IAM-systeem, zie ook paragraaf 5.1.1), de vervanging van het Internet/Intranet en enkele data-gerichte (Business Intelligence) projecten in het UMCG. Ook wordt in 2019 een belangrijke stap gezet op gebied van de volgende generatie digitale werkplek, die productiviteitsverbeterende en samenwerkingstools aanbiedt. Tevens wordt gewerkt aan het kunnen benaderen van applicaties, onafhankelijk van het gebruikte platform en apparaten (zoals PC, tablet of telefoon).

5.2.1 Programma Nieuw EPD

Op 1 maart 2018 is Plateau 2 van het programma Nieuw EPD gestart. In dit Plateau ligt de focus op uitbreiding van functionaliteit (verbreden), het uitbouwen en beter benutten van eerder geïmplementeerde functionaliteit (verdiepen) en doorontwikkeling (inclusief optimalisatie) van het EPD. Plateau 2 kenmerkt zich verder door meerdere Go-Lives wanneer nieuwe onderdelen van het EPD gereed zijn. 

Activiteiten in het kader van Doorontwikkeling & Optimalisatie
EPD Experts van het programma Nieuw EPD en medewerkers van leverancier Epic brachten in 2018 aan elke afdeling minimaal één bezoek. Zij haalden de ervaringen op van zorgprofessionals met betrekking tot het gebruik van het EPD. Daarnaast werden in juni 2018 Prioriteringssessies en een online tool ingezet waarmee afdelingen zelf ingediende wensen voor de inrichting van het EPD konden prioriteren.

Op 6 oktober 2018 vond de Upgrade naar Epic-versie 2018 plaats. Deze Upgrade was nodig om in het vervolg van Plateau 2 de nieuwste functionaliteit te kunnen implementeren.

Activiteiten in het kader van Verbreden & Verdiepen
In 2018 is de in Plateau 1 gehanteerde methodiek gecontinueerd waarbij afgevaardigden  van afdelingen werden betrokken bij de besluitvorming over en inrichting van het EPD. Dit resulteerde onder meer in de Go-Live van Wave 1 op 17 november 2018, waarbij de afdeling Oogheelkunde een eigen module in het EPD kreeg. Daarnaast werden de mobiele apps Haiku en Canto voor artsen geïntroduceerd en kreeg een aantal poliklinieken aanmeldzuilen met Epic-functionaliteit. Op de SEH en CCU werden bewakingsmonitoren en andere apparatuur geïntegreerd met het EPD. Verder startten op 17 november pilots voor Rover (mobiele app voor verpleegkundigen), Healthy Planet (functionaliteit voor het monitoren en analyseren van patiëntpopulaties) en het Zorgverlenersportaal.

Training
In 2018 werden circa 2.500 nieuwe medewerkers klassikaal getraind en gecertificeerd voor toegang tot het EPD. Daarnaast is aan ongeveer 2.000 medewerkers een grote diversiteit aan trainingen gegeven:  training on the job, personalisatiesessies, themasessies, refresh en optimalisatietrainingen.

mijnUMCG
Op 8 maart 2018 kwam het patiëntenportaal mijnUMCG beschikbaar voor alle patiënten van het UMCG.  In 2018 openden 28.861 patiënten een account voor mijnUMCG. Zij kregen daarmee inzage in onderdelen van hun eigen dossier, uitslagen en afspraken. 

De ontwikkeling van het patiëntenportaal gaat in rap tempo door. Zo kunnen patiënten sinds 24 mei 2018 hun informatie in mijnUMCG delen met zorgverleners buiten het UMCG via ‘Share Everywhere’. Daarnaast is de Gebruikersgroep mijnUMCG ingesteld met patiënten en zorgprofessionals die zich buigen over de vraag welke uitbreidingen mijnUMCG moet krijgen.

UGM NL/EU
Het UMCG was op 1 juni 2018 host van de eerste Europese Epic User Group Meeting (UGM). Behalve medewerkers en leidinggevenden van Epic-ziekenhuizen uit Nederland, verwelkomde het UMCG gasten uit België, Denemarken, Finland, Zwitserland en het Verenigd Koninkrijk. De ziekenhuizen wisselden onderling ervaringen uit, deelden best practices en werden op de hoogte gebracht van nieuwe ontwikkelingen met betrekking tot het gebruik van Epic.

Uitwisseling van patiëntendossiers met andere Epic-ziekenhuizen
In 2018 vond de eerste uitwisseling van dossiers met andere Epic-ziekenhuizen plaats. Zorgverleners van het UMCG vroegen dossiers op van 3.264 unieke patiënten, voor het overgrote deel afkomstig van het Medisch Centrum Leeuwarden. Het UMCG leverde in 2018 dossiers van 19 unieke patiënten aan bij aanvragende Epic-ziekenhuizen. Er worden alleen dossiers uitgewisseld van patiënten die hiervoor toestemming hebben gegeven.

Vooruitblik op 2019
De uitdaging voor 2019 ligt er voor de zorgprofessionals in om het EPD zodanig te gebruiken dat het EPD de ambities van het UMCG ten aanzien van zorg, onderzoek, onderwijs en (inter)nationale samenwerking helpt waar te maken. Belangrijke onderwerpen hierin zijn het naleven van afspraken over het gestructureerd vastleggen van gegevens en de dossieretiquette.

In 2019 worden nieuwe modules geïntroduceerd voor het Thoraxcentrum, Oncologie en Transplantatiegeneeskunde. Ook wordt gewerkt aan inrichting voor het Universitair Centrum Psychiatrie (UCP) en het Centrum voor Revalidatie (CvR), locatie Beatrixoord. Patiënten krijgen meer functionaliteit in mijnUMCG, waaronder de mogelijkheid tot beveiligd berichtenverkeer met zorgverleners. Voor klinische patiënten start een pilot met een mobiele app die beschikbaar komt op tablets in het ziekenhuis. Brede uitrol vindt plaats van Healthy Planet, Rover, diverse rapportagetools en het Zorgverlenersportaal. Een aantal zorgpaden wordt opgenomen in het EPD en steeds meer devices worden geïntegreerd met het EPD. Er wordt een project opgestart met als doel snelle toegang tot het EPD op gedeelde werkstations met de personeelspas.

5.3 Bouw

Letterlijk bouwen aan de toekomst van gezondheid. Dat doet het UMCG in 2018. In dit jaar zijn twee ontwikkelingen van belang: het opstellen van een langetermijn huisvestingsplan en het verder ontwerpen van nieuw te bouwen of te verbouwen ruimten in het ziekenhuis. Belangrijk uitgangspunt is dat de nieuw- en verbouw moet plaatsvinden op het UMCG-terrein. In 2018 is het steeds duidelijker dat dit alleen gerealiseerd kan worden als er ook onderzoek gedaan is naar de lange termijn huisvesting van alle onderdelen van het UMCG. Nieuwe inzichten in de ontwikkeling van de zorgvraag, de focus op complexe zorg en de ondersteuning daarvan maakt een heroriëntatie op een toekomstig logische inrichting van het gebouw noodzakelijk. Praktisch betekent dit de realisatie van verpleegafdelingen van de toekomst, verplaatsing van kantoorruimten met de focus op activiteit gerelateerd werken, concentratie van laboratoria, een Hotfloor in het hart van het ziekenhuis en poliklinieken geformeerd rondom de patiënt.
De basis hiervoor is vastgelegd in een langetermijn huisvestingsplan zodat ook straks na de verbouwing het UMCG weer helemaal klaar is voor de toekomst.

In 2018 is in een aantal bouwprojecten het ontwerptraject gestart. Het gaat bijvoorbeeld om poliklinieken in de Poortweg en de Academische Huisartsenpraktijk. Het Universitair Centrum Psychiatrie (UCP) is met de keuze van een architect ook gestart met het ontwerpen van een geheel nieuw gebouw dat recht doet aan de zorg voor patiënten en hun naasten en zorgt voor een stimulerende werkomgeving voor medewerkers. In het programma Hotfloor is het ontwerpen van een gastvrije ontvangsthal en van een toekomstbestendige afdeling Neonatologie van start gegaan. In het zusterhuis op het UMCG-terrein is de omvorming naar kantoorruimten een eerste fase ingegaan.

Brandveiligheid heeft vanzelfsprekend hoge prioriteit. In 2018 is daarom gestart met het ontwikkelen van een integraal plan brandveiligheid. Eén van de uitkomsten is het aanbrengen van een watermistinstallatie in de beddenhuizen van het Centraal Medisch Complex.

Vooruitblik
Het jaar 2019 staat in het teken van het uitwerken van plannen ten aanzien van de Green Deal (zie ook paragraaf 5.7). Het verduurzamen van de energievoorziening is als eerste aan de beurt. Bovendien wordt een start gemaakt met het uitwerken van het lange termijn huisvestingsplan.

Ook in 2019 zal een aantal projecten uit de vijf bouwprogramma’s verder uitrollen naar de bouwfase. Denk daarbij aan het Centrum Acute Zorg op de begane grond en de poli’s in de Poortweg. Voor de nieuwbouw van het UCP wordt plaats gemaakt door een gedeeltelijke sloop van het Triadegebouw.
Het zusterhuis en het medisch voorzieningen complex krijgen in zijn geheel een kantoor- en onderwijsfunctie.

Patiënten, bezoekers en medewerkers zullen nog meer gaan merken dat het UMCG-terrein op de schop gaat. Vanzelfsprekend doen we er alles aan om de overlast tot een minimum te beperken.

5.4 Inkoopbeleid

Inkoop richt zich op het betaalbaar houden van de gezondheidszorg door de inkoop van materiaal, apparatuur en kennis efficiënt, doelmatig en rechtmatig te verzorgen. Hierbij zijn doelmatigheid en kwaliteit altijd belangrijk. Elementen van kwaliteit zijn patiëntveiligheid, gebruiksvriendelijkheid, duurzaamheid en beschikbaarheid van de juiste middelen, apparatuur en kennis op het juiste moment.

Samen Inkopen
2018 heeft voor de inkoop in het teken gestaan van samenwerking. Samenwerking tussen de afdeling Inkoop en de medische afdelingen van het UMCG, maar ook samenwerking tussen het UMCG en de andere universitaire ziekenhuizen via de NFU. Het doel hierbij is tweeledig. Het inkoopvolume wordt vergroot en er wordt gebruik gemaakt van elkaars kennis en capaciteit. Hierdoor kunnen betere resultaten worden behaald.

Hiernaast wordt op regionaal niveau samengewerkt via het Inkoop Platform Groningen. Dit platform richt zich op het verder professionaliseren van de regionale inkoop en verkoop waardoor regionale leveranciers beter worden voorbereid op de aanbestedingsprocedures. Tevens worden hier initiatieven uitgewerkt die er voor moeten zorgen dat goede inkoopprofessionals worden opgeleid en voor de regio worden behouden.

Kostenbeheersing
Er wordt scherp gekeken naar de kosten van de (medische) middelen. Vanuit het gebruik en de voorkeuren van de zorgprofessionals wordt gezocht naar verbeterpotentieel. Dit heeft in 2018 geleid tot een aantal inkooptrajecten en aanbestedingen die een positieve bijdrage hebben geleverd aan de bezuinigingsdoelstellingen van het UMCG. Dit wordt altijd gedaan zonder concessies te doen aan de kwaliteit van de middelen. De kwaliteit is en blijft leidend. In 2019 worden meer van dit soort trajecten opgepakt.

We werken verder aan kostenbeheersing door:

  1. goed te kiezen: wat is er nodig en waarom; het maken van rationele keuzes als het gaat om specificaties en leveranciers;
  2. goed samen te werken: het afstemmen met andere afdelingen en streven naar uniformiteit van producten, apparatuur en diensten in het UMCG; het samenwerken met andere UMC’s en regionale partijen om de markt zo goed mogelijk te leren kennen en te benutten;
  3. goed te organiseren: het streven naar voorspelbaarheid en uniformiteit; het plannen van het inkoopproces als een project en houden ons aan de planning;
  4. goed te contracteren: het maken van duidelijke en dekkende afspraken met de leveranciers en in de gaten houden of alle spelers zich aan de afspraken houden; de inkoopprocedures voldoen aan de meest recente wet- en regelgeving;
  5. goed te administreren: het zorgen voor een efficiënt en effectief administratief proces inclusief verwerking, archivering, signalering en financiële vastlegging.

Duurzaamheid
In oktober 2018 heeft de NFU de Green Deal voor duurzame zorg ondertekend. Met deze ondertekening heeft het UMCG zich verbonden aan de doelstellingen die hierin staan voor vier thema’s. Meer hierover leest u in de paragraaf over maatschappelijk verantwoord ondernemen (5.7). De doelstellingen van de Green Deal gaan voor het UMCG deel uitmaken van de uitvraag die wij aan de leveranciers doen. 

5.5 Milieu

Het milieubeleid van het UMCG  heeft als doel het milieu zo min mogelijk te belasten. Twee belangrijke uitgangspunten staan centraal:

  1. voldoen aan wet- en regelgeving; 
  2. beheersen van milieurisico’s, waarbij gestreefd wordt naar een permanente verbetering van de milieuprestaties van het UMCG.

5.5.1 Milieumanagement

Wet- en regelgeving
Tijdens de jaarlijkse inspectie van de Omgevingsdienst Groningen zijn geen tekortkomingen geconstateerd.
In 2018 heeft een milieucontrole plaatsgevonden bij Centrum voor Revalidatie (CvR), locatie Beatrixoord in Haren. Hierbij zijn verschillende tekortkomingen geconstateerd waarop corrigerende acties zijn uitgezet. Door gewijzigde wet- en regelgeving valt deze locatie nu geheel onder het activiteitenbesluit, algemene regels. Sinds 2004 zijn diverse wijzigingen geweest waardoor er in 2018 een start is gemaakt met nieuwe melding activiteitenbesluit voor deze locatie. Deze zal begin 2019 definitief worden ingediend.

De huidige vergunning Wet milieubeheer van het UMCG Hanzeplein 1 dateert uit 2003. In overleg met de gemeente Groningen is in 2018 gestart met de revisieaanvraag omgevingsvergunning Milieu. Verwacht wordt dat het UMCG eind 2019 een geactualiseerde omgevingsvergunning Milieu heeft.   

De Inspectie leefomgeving en transport (IL&T) heeft een inspectiebezoek gebracht aan het UMCG en logistiek centrum Eemspoort met betrekking tot de ADR-wetgeving, vervoer van gevaarlijke stoffen. Hierbij is een aantal onvolkomenheden geconstateerd die in de loop van 2018 allemaal zijn opgelost.

Sinds 1992 neemt het UMCG deel aan de Meerjarenafspraak voor energie-efficiency (MJA) en onderschrijft het UMCG de doelstelling om een jaarlijkse energie-efficiency van 2% te realiseren. Eens in de vier jaar wordt binnen het kader van deze MJA een Energie Efficiency Plan (EEP) opgesteld. In 2016 is een nieuw plan voor de periode 2017-2020 opgesteld. In dit plan is de ambitie uitgesproken om 28% energie-efficiency te realiseren. In 2017 is hiervan -3,4 % gerealiseerd. Dit negatieve resultaat wordt veroorzaakt door de ingebruikname van het protonencentrum. Door de sloop van het psychiatrie- en Triadegebouw zal een inhaalslag gemaakt kunnen worden. Dit is meegenomen in de ambitie.

CO2-footprint
In 2017 is de CO2-footprint voor het UMCG geoptimaliseerd in samenwerking met de overige UMC’s. Door het opstellen van de CO2-footprint wordt er inzicht verkregen in de milieudruk van de organisatie.

 

CO2-footprint (ton CO2)

Uit de footprint valt af te leiden dat iets minder dan de helft van de milieudruk wordt veroorzaakt door energiegebruik. Iets meer dan de helft van de milieudruk wordt voornamelijk veroorzaakt door woon-werkverkeer en bezoek van patiënten. In mindere mate door verwerking van afval.

Laboratoria
In 2018 zijn op verschillende laboratoria oudere typen brandveiligheidsopslagkasten voor de opslag van gevaarlijke (afval)stoffen vervangen voor brandveiligheidskasten die voldoen aan het hoogste veiligheidsniveau.

Kwaliteitsrondes Afval en Milieu
In 2018 is de vragenlijst Afval en Milieu verder geoptimaliseerd en zijn in totaal 20 kwaliteitsrondes bij verschillende afdelingen gehouden. Naar aanleiding van de kwaliteitsronde bij de operatieve zorgorganisatie is, samen met Arbeid & Gezondheid, uitleg gegeven over gevaarlijke stoffen en het hoe en waarom van afval scheiden en ontwikkelingen hierin.
In 2019 wordt een verder gevolg gegeven aan de promotie en ontwikkeling van kwaliteitsrondes met behulp van een programma op de iPad.

Afvalwijzers
De informatie over gescheiden afvalstromen is uitgebreid met twee nieuwe afvalstromen. Piepschuim is een aparte afvalstroom en wordt, door deze gescheiden inzameling, weer ingezet als grondstof. Daarnaast is er een afvalwijzer beschikbaar om lege ongereinigde verpakkingen van gevaarlijke stoffen, volgens wet- en regelgeving, apart in te zamelen.

5.5.2 Energie

Elektriciteit & Gas
Het UMCG is vanwege de omvang van haar diensten een grootverbruiker van energie. Het aardgas- en elektriciteitsverbruik is licht gedaald ten opzichte van vorig jaar. Het aardgasverbruik is in 2018 met 2,6% gedaald ten opzichte van 2017. Het elektriciteitsverbruik is in 2018 met 2,2 % gedaald ten opzichte van 2017. Dit verbruik is met name gerealiseerd door energie-efficiency maatregelen zoals het toepassen van led-verlichting en het juist inregelen van luchtbehandelingssystemen.

De protonenfaciliteit maakt gebruik van een eigen energievoorziening met een eigen aansluiting. In 2017 heeft het protonencentrum 3.850.581 kWh elektriciteit en 79.070 m3 gas verbruikt. In 2018 is 16,7% meer elektriciteit en 39,5% meer gas gebruikt dan in 2017. Dit wordt veroorzaakt door het toegenomen aantal protonenbehandelingen.

Elektriciteitsverbruik UMCG

Gasverbruik UMCG Energiecentrale

Omdat het UMCG een instelling is met een Wabo (Wet algemene bepalingen omgevingsrecht )-milieuvergunning die één of meerdere installaties in werking heeft met een totaal nominaal thermisch ingangsvermogen van meer dan 20 MW voor het verbranden van brandstoffen (in het geval van het UMCG is dit aardgas), is het UMCG deelnemer aan het Europese CO2-emissiehandelssysteem (ETS). Jaarlijks wordt de CO2-uitstoot als gevolg van verbranding van fossiele grondstoffen bijgehouden. In 2018 was de uitstoot 15.652 ton CO2. Dit is een lichte daling van 2,5% ten opzichte van 2017 (zie onderstaande grafiek). 

CO2 Emissie UMCG Energiecentrale

5.5.3 Water

Het UMCG zet in op efficiënt gebruik van water en op het zo weinig mogelijk vervuilen van water. Ook vanuit wet- en regelgeving zijn ter bescherming van het rioolstelsel, de rioolwaterzuiveringsinstallatie en het oppervlaktewater kwaliteitseisen opgelegd voor afvalwater. Deze kwaliteitseisen worden gecontroleerd door zes keer per jaar het afvalwaterwater te laten bemonsteren in vier monsterputten (de punten waar het UMCG is aangesloten op het gemeentelijk riool). De afvalwatermonsters worden door een extern bedrijf geanalyseerd op verschillende parameters. In 2018 heeft driemaal een overschrijding plaatsgevonden van enkele parameters. Eenmaal betrof het de parameter ‘onopgeloste bestanddelen’. Om dit te verhelpen is de betreffende monsterput schoongemaakt. De andere twee overschrijdingen betroffen de parameter ‘som metalen’. De oorzaak van de overschrijding was niet te herleiden. De betreffende putten zijn schoongemaakt en vervolgens zijn er hermonsters genomen om te controleren of de norm niet meer werd overschreden.

Nederland behoort in de toekomst tot een van de regio’s met de hoogste waterstress in de wereld. Verwacht wordt dat de drinkwatervoorziening in de toekomst kwalitatief, kwantitatief en financieel onder toenemende druk komt te staan. Om hier in breed verband op te anticiperen heeft het UMCG contact met de ketenpartners. Zo was het UMCG in 2018 constructief in gesprek met de gemeente Groningen, de waterschappen Noorderzijlvest en Hunze en Aa’s en het Waterbedrijf Groningen.

Het jaarverbruik is in 2018 licht gestegen ten opzichte van 2017 (zie onderstaande grafiek). Door de hete zomer moesten de gebouwen extra gekoeld worden. Dit extra verbruik is grotendeels gecompenseerd door efficiënt gebruik, waarvan waterbesparende apparatuur en sanering van spoelpunten in tapwaterinstallaties voorbeelden zijn.

Waterverbruik UMCG

5.5.4 Afval

Naar aanleiding van de afvalaanbesteding in 2015 is ook in 2018 een aantal wijzigingen doorgevoerd om verder invulling te geven aan één van de doelstellingen: Milieudruk minimaliseren uitgedrukt in CO2-reductie (het referentiejaar is 2013).

De nadruk ligt hierbij op het verminderen van de afvalstromen die verbrand worden, omdat hierbij waardevolle grondstoffen verloren gaan. Aangezien de afvalstoffenbelasting voor storten en verbranden (restafval) per 1 januari 2019 verdubbeld is, zal dat een stimulering en verschuiving teweeg brengen van verbranden naar recyclen. Noodzakelijk hierbij is wel dat het proces van gescheiden inzameling en verwerking (locatie en transportkosten) volledig bekeken wordt om een goede milieutechnische afweging te maken.

  • EPS(piepschuim)-dozen worden apart ingezameld. Er is een comprimeermachine aangeschaft die de piepschuim boxen vermaalt tot kleinere blokken en vervolgens onder hoge temperatuur comprimeert tot blokken polystyreen (opbrengst). Deze blokken worden opgehaald en als grondstof hergebruikt in de kunststof verwerkende industrie voor de productie van pallets, verpakkingsmateriaal en bijvoorbeeld isolatiemateriaal. Recycling van 1.000 kilogram EPS bespaart 4.297 kilogram CO2 ten opzichte van verwerking als restafval. Dat staat gelijk aan de uitstoot van ruim 22.000 autokilometers (op basis van 190 gram/kilometer, bron TNO). De wekelijkse opbrengst van gecomprimeerd EPS is nu tussen de 100-150 kilogram. Deze stroom wordt zoveel mogelijk opgebulkt op eigen locatie om transportkosten te besparen.
  • Invoering gerecyclede kunststofvaten voor specifiek ziekenhuis afval (SZA). Dit SZA-vat bestaat uit gerecycled plastic afkomstig uit consumentenafval. Alleen al bij het UMCG worden jaarlijks tussen de 40.000 en 45.000 vaten gebruikt. Indien alleen gekeken wordt naar materiaalgebruik, daalt de CO2 uitstoot met ongeveer 50% per ton SZA afval bij gebruik van deze gerecyclede vaten. Echter, indien men de gehele levenscyclus van een ton SZA afval beschouwt, daalt de CO2 emissie door gebruik van deze vaten met 8,6%. Dit omdat de productie en afvalverwerking (verbranding) in beide gevallen gelijk is.   
  • Er is eind 2018 een pilot gestart met gescheiden inzameling van papier, gft, PMD (plastics, metalen en drankenkartons) en restafval in een nieuw ontwikkelde kantooromgeving. Evaluatie vindt plaats in 2019 en afhankelijk hiervan, volgt uitrol in meerdere kantooromgevingen.

Ontwikkelingen 2019
In 2019 wordt als volgt verder ingezet op het verminderen van de afvalstromen:   

  1. Restafvalstroom met 3% terugbrengen door de recyclebare fracties verder te scheiden aan de bron:
  • Organische componenten uit restafval zoals sinaasappelschillen en koffiedik;
  • Onderzoek om koffiebekers gescheiden in te zamelen
  1. Kunststoffen:
  • Scheiding van disposable materiaal uit het restaurant
  • Vermindering van gebruik van plastics en disposables in het restaurant
  1. Verbetering monitoring swill
  2. Verdere uitrol kwaliteitsrondes afval en milieu waarbij medewerkers op afdelingen zelf bewust de eigen afvalstromen onder de loep nemen.

Afvalcijfers
Opvallende verschillen ten opzichte van 2017 (afwijkingen van meer dan 5%) betreffen de volgende afvalstromen:

  • Papier, karton en vertrouwelijk papier: Stijging van ruim 9% welke niet direct te verklaren is. Dit  is een recyclebare “afval”stroom, waarbij  grondstoffen niet verloren gaan door verbranding. Een stijging kan duiden op betere scheiding aan de bron.   
  • Bouw- en sloopafval laat een afname zien van 65%. Er is in 2018 extra aandacht besteed aan betere scheiding van bouw- en sloopafval waardoor een stijging is te zien in het oud ijzer (50%) maar vooral ook de opbrengst uit de goud goed container. De toename van de opbrengst uit de goud goed container is ten dele ook toe te schrijven aan een betere monitoring van de hoeveelheid opgehaald materiaal. Van dit materiaal is in 2018 ook meer via de kringloopwinkel verkocht door:
    • het inrichten van een extra verkoopruimte
    • meer materiaal gemonteerd (losse tafel en bureaubladen aangeboden voor de verkoop)
    • gedemonteerde materialen werden verwerkt in nieuwe producten.

De afgevoerde hoeveelheid swill laat de afgelopen jaren grote fluctuaties zien. In 2019 wordt actie ondernomen om dit beter inzichtelijk te krijgen. 

In de tabel hieronder vindt u het overzicht van de hoeveelheden afgevoerd afval gecategoriseerd per soort (op basis van opgave leveranciers).

Afval UMCG

Afval UMCG
Hoeveelheid en aard van het afval (in kilogrammen) 2017 2018
Specifiek ziekenhuis afval 365.859 370.182
Restafval 1.610.623 1.639.320
Gevaarlijke afvalstoffen laboratoria (chemie) 30.977 32.900
Papier en karton (incl. vertrouwelijk papier) 405.451 443.429
Swill (voedselresten) 159.608 169.000
Glas 21.844 20.535
Bouw- en sloopafval 32.483 11.200
Oud ijzer 42.307 63.080
Goud goed container 15.000 61.640
Totaal 2.684.152 2.811.286

Het overzicht hierboven laat de hoeveelheid en de aard van het afval UMCG zien. Materialen die recycled worden zijn glas, papier en karton inclusief vertrouwelijk papier, bouw en sloopafval en oud ijzer. Swill (voedselresten) wordt ook gezien als een stroom die recycled wordt omdat dit via biovergisting omgezet wordt in biogas, groene stroom.  De inhoud van de goud goed container wordt hergebruikt (dit betekent in de oorspronkelijke vorm). Daarnaast zijn er twee stromen die volgens de wettelijke voorschriften moeten worden verbrand (hierbij is wel sprake van energieterugwinning), dat gaat om Specifiek ziekenhuisafval en restafval. Tot slot worden de gevaarlijke afvalstoffen afkomstig uit laboratoria op verschillende manieren verwerkt met warmte terugwinning.

5.6 Bereikbaarheid

UMCG Bereikbaar
In 2017 werd het projectteam UMCG Bereikbaar opgezet met de opgave voor de komende jaren om, binnen de mogelijkheden, te zorgen voor een optimale bereikbaarheid van het UMCG voor patiënten, bezoekers, medewerkers en leveranciers.

Terugblik 2018
Tijdens het hemelvaartweekend vonden de eerste grote wegwerkzaamheden plaats in het kader van Aanpak Ring Zuid (ARZ). De hinder viel mee en er ontstonden geen grote problemen voor de bedrijfsvoering van het UMCG.

UMCG Bereikbaar verschoof de focus van de wegwerkzaamheden naar een meer algemeen, duurzaam mobiliteitsbeleid UMCG dat in april 2018 werd vastgesteld. Dit beleid heeft naast een optimale bereikbaarheid ook een zo klein mogelijke CO2-footprint door woon-werkverkeer tot doel. Het uitgangspunt is: Te voet, met de (elektrische) fiets of het OV als het kan, met de auto als het moet. Het beleid vertaalt zich naar het bieden van aantrekkelijke keuzemogelijkheden op het gebied van vervoersmiddelen, tijdstip van reizen en plaats van werken.

In het kader van dit duurzaam mobiliteitsbeleid is in 2018 het parkeerbeleid herijkt en de prijs van P+R-abonnementen met € 5 verlaagd naar € 18 per maand, waardoor medewerkers in totaal 15% meer abonnementen kochten dan in 2017. Ook de fietsregeling werd uitgebreid en in 2018 namen 45% meer medewerkers deel dan in 2017.
Tijdens de mobiliteitswedstrijd Low Car Diet in oktober deden 329 medewerkers actief mee, maakten kennis met alternatieve manieren van reizen en bespaarden daarmee in die maand gezamenlijk 22% van hun gewoonlijke CO2-uitstoot (3.253 kilogram). Tot slot werd het UMCG door het ministerie van Infrastructuur & Waterstaat benoemd tot een van 11 landelijke fietsambassadeurs. 

Doelstellingen en vooruitblik 2019
De hoofdprioriteit van UMCG Bereikbaar blijft bereikbaar blijven. Daarnaast wordt in 2019 verder gewerkt aan het verkleinen van onze CO2-footprint en wordt duurzaam mobiliteitsbeleid voor werk-werkverkeer opgesteld. Maatregelen en acties worden uitgevoerd om de fiets en het OV blijvend te stimuleren en het autogebruik (daar waar mogelijk) verder terug te dringen. Zo wordt bijvoorbeeld de fietsstallingscapaciteit op het terrein uitgebreid en worden bedrijfsfietskluizen op P+R-terreinen gehuurd, zodat deze door medewerkers gehuurd kunnen worden. Daarnaast wordt een OV-vergoeding voor medewerkers ingevoerd en worden de richtlijnen rondom parkeren op het terrein voor medewerkers herijkt. In 2019 kunnen UMCG-medewerkers weer de Enquête Werken & Reizen invullen en vindt een tweede editie van Low Car Diet plaats. De focus blijft liggen op het verkleinen van onze CO2-footprint die door woon-werk- en werk-werkverkeer ontstaat.

5.7 Maatschappelijk verantwoord ondernemen

In het UMCG vertalen wij MVO naar de wijze van bedrijfsvoering waarin we de positieve en negatieve impact op mens, milieu en maatschappij en in het bijzonder op onze stakeholders meenemen in onze afwegingen, zodanig dat de keuzes die we maken te verantwoorden zijn en bijdragen aan een toegevoegde waarde voor mens, milieu en maatschappij.

Terugblik 2018
Op 10 oktober 2018 is door de NFU de Green Deal voor duurzame zorg ondertekend. Meer dan 100 partijen uit de care en cure branche, maar ook zorgverzekeraars, banken, adviesbureaus, IVN, Staatsbosbeheer, Stichting Eten&Welzijn en verschillende leveranciers zijn medeondertekenaars.

Met deze ondertekening heeft het UMCG zich verbonden aan de doelstellingen die hierin staan voor vier thema’s:

  1. Het terugdringen van CO2-emissie
    De doelstelling sluit aan op die in het Klimaatakkoord: het terugdringen van CO2-emissie met 95% tussen nu en 2050. Vanuit de NFU liggen er afspraken met EZ (MJA-3) met betrekking tot de reductie van CO2 van 50% tot en met 2030.
    Om de doelstellingen uit het klimaatakkoord te implementeren, heeft de overheid diverse klimaattafels opgezet. Veruit de belangrijkste voor de zorgsector is de klimaattafel Bebouwde omgeving. Daarom wordt in samenwerking met diverse vertegenwoordigers vanuit de zorgsector gewerkt aan een sectorale routekaart om te komen tot een CO2-arme vastgoedportefeuille.
     
  2. Circulair werken bevorderen
    Doel is het tegengaan van verspilling in de gehele keten: van grondstofgebruik, onnodig transport, verbruik van producten, materialen, energie en water tot het beperken van onnodig afval.
    In NFU-verband wordt gekeken naar gezamenlijke aanbestedingen waarin hierop gefocust kan worden. In 2018 is vanuit die gedachte begonnen met de gezamenlijke aanbesteding voor facilitaire non-food artikelen. Alle UMC's op één na participeren in dit project.
    Binnen het UMCG wordt bekeken hoe duurzaamheid bij elk inkooptraject in de inventarisatiefase kan worden meegenomen.
     
  3. Medicijnresten in oppervlaktewater en grondwater terugdringen
    Doel is het voorkomen van medicijnresten in afvalwater.
    Verschillende UMC ‘s werken mee aan onderzoek naar minder milieubelastende contrastmiddelen en pilots om medicijnresten uit afvalwater te verwijderen. De resultaten van de pilots worden geëvalueerd en ter beschikking gesteld aan andere UMC ‘s en ziekenhuizen.
     
  4. Creëren van een gezond makende leef- en verblijfsomgeving
    Doel is een omgeving te creëren die actief bijdraagt aan een gezond leef- en werkklimaat voor medewerkers, patiënten, studenten en bezoekers. Dit is onlosmakelijk verbonden met een integraal duurzaam en gezond voedsel- en voedingsbeleid.

Vanuit het NFU duurzaamheidscoördinatorenoverleg (DCO) is een voorstel geschreven voor de organisatie van het uitvoeren van de Green Deal binnen de NFU. De structuur die neergezet wordt bestaat uit vier werkgroepen: CO2 reductie, Circulair werken, Medicijnresten uit water en Gezond makende leef- en verblijfsomgeving, waarin een rol is weggelegd voor diverse betrokkenen bij het thema vanuit zowel de UMC’s als organisaties in de keten.

Vooruitblik 2019
In 2019 introduceren wij ‘Duurzaam UMCG’, een overkoepelend project dat in opdracht van de Raad van Bestuur duurzaamheid binnen het UMCG coördineert en een directe link heeft met de duurzaamheidscoördinatoren van de andere UMC’s. De directeur Bouw en Facilitair is programma-eigenaar en stuurt het projectteam 'Duurzaam UMCG' aan, waar drie thema's onder vallen: CO2 Neutraal, Circulair UMCG en Healthy Water. Het vierde thema, Gezonde Leefomgeving, wordt aangestuurd door het Healthy Ageing Team en de Aletta Jacobs School of Public Health, onder verantwoordelijkheid van de directeur Beleid.
Overleggen met overige externe partijen vinden op alle niveaus plaats (strategisch door opdrachtgever en programma-eigenaar, tactisch door het projectteam en operationeel door de milieudeskundigen). 

 

5.8 Risicobeheersing en intern controlesysteem

5.8.1 Financiële risico’s in de externe financiering

De (kern)taken van het UMCG worden op verschillende wijze bekostigd. Voor de ziekenhuiszorg zijn afspraken gemaakt met de zorgverzekeraars. Voor de academische zorg ontvangt het UMCG een beschikbaarheidsbijdrage (de academische component). Voor onderwijs en onderzoek (waaronder de werkplaatsfunctie) ontvangt het UMCG een Rijksbijdrage. De overheid en het overheidsbeleid zijn van directe invloed op deze inkomsten. In het onderstaande wordt ingegaan op de diverse ontwikkelingen van deze verschillende bekostigingsstromen. De externe prestatiebekostiging van de patiëntenzorg leidt per definitie tot onzekerheden en mogelijke financiële risico’s. Er is sprake van een complex financieringssysteem. De afspraken die zorgverzekeraars met ziekenhuizen maken hebben bijvoorbeeld betrekking op de zogenaamde schadelast, welke een andere definitie kent dan de omzet in de jaarrekening van ziekenhuizen. Hierdoor dienen ziekenhuizen op jaareinde schattingen te maken teneinde de omzet te bepalen (zie ook de toelichting in de jaarrekening). Ook vinden frequent wijzigingen in de externe bekostiging plaats. Deze systeemwijzigingen kunnen leiden tot mogelijke voor- of nadelen voor het UMCG. Het UMCG heeft met de meeste zorgverzekeraars afspraken gemaakt dat deze systeemwijziging niet leidt tot een voor- of nadeel voor een van de partijen. Hiermee is dit risico gemitigeerd.

Afspraken zorgverzekeraars
Door het afsluiten van hoofdlijnakkoorden tussen ziekenhuizen, zorgverzekeraars en VWS is de (gemiddelde) landelijke volumegroei beperkt. In 2018 is een nieuw onderhandelaarsakkoord medisch specialistische zorg voor de jaren 2019-2022 afgesloten. VWS zet in op een transformatie naar ‘de juiste zorg op de juiste plek’.  VWS wil hiermee de in het regeerakkoord opgenomen reductie van de zorgkosten met € 1,9 miljard realiseren (voor medisch specialistische zorg is dit € 1,3 miljard). De vertaling van deze ambitie is terug te vinden in de zeer  beperkte groeiruimte, te weten 0,8 % in 2019 aflopend naar 0 % in 2022. VWS ziet toe op het naleven van deze afspraken en zet zo nodig het macrobeheersingsinstrument (MBI) in om binnen het macro(groei)kader te blijven. Hiermee dragen partijen bij aan het beheersen van de macro zorgkosten. De mogelijkheden voor de financiering van innovaties en de introductie van nieuwe (dure) geneesmiddelen is echter beperkt.

Deze beperkte groeiruimte heeft z’n weerslag op de afspraken met de zorgverzekeraars. Het UMCG zet hierbij in op het onderbrengen van een steeds groter deel van de zorg onder de nacalculatieafspraken, waarbij  worden de afspraken ook worden gekoppeld aan beleidsmatige afspraken over zorg op de juiste plaats. Dit betreft o.a. de transplantaties, de immunotherapie, oncologische zorg (met een drietal zorgverzekeraars), protonentherapie en dure geneesmiddelen. Hiermee wordt de financiële compensatie van de groei van deze zorg gewaarborgd.

Met de zorgverzekeraars worden afspraken gemaakt over de door het UMCG te leveren zorg.

Belangrijk is dat met de drie grootste verzekeraars en nog een verzekeraar meerjarenafspraken zijn gemaakt met een wisselende looptijd van 2 tot 5 jaar. In deze meerjarenafspraken committeren de verzekeraars zich aan de beweging die het UMCG aan het maken is om haar profiel van complexe zorg en complexe patiënt verder aan te scherpen. Verzekeraars zijn bereid om het UMCG de komende jaren op dezelfde basis te blijven  vergoeden in de transitie naar een ziekenhuis dat meer complexe zorg biedt en relatief minder basiszorg. Met andere woorden het afstoten van basiszorg leidt er niet  toe, dat een zelfde bedrag ook gekort wordt op de afspraak met de betreffende verzekeraar. Deze mag opgevuld worden met groei in complexe zorg. Een risico dat echter aanwezig blijft,  is dat verzekeraars mogelijk bij verlenging van de meerjarenafspraken alsnog een korting op de totale afspraak willen doorvoeren wanneer er wel basiszorg is uitgeplaatst, maar er niet aantoonbaar complexe groei voor in de plaats is gekomen en er sprake is van onderproductie. Zoals blijkt uit de kengetallen zoals gepresenteerd in paragraaf 1.1, is deze beweging terug te zien in een verschuiving binnen de zorgactiviteiten in het UMCG.

Horizontaal toezicht en Zelfonderzoek
In 2018 heeft het UMCG deelgenomen aan het, landelijk binnen de sector door alle partijen overeengekomen, zelfonderzoek correct declareren voor het jaar 2017. Voor het onderzoek 2017 is een nieuwe projectorganisatie ingericht. Dit project maakt onderdeel uit van het totale programma ter verbetering van de zorgregistratie (‘vastlegging van zorg’). Dit onderzoek is nagenoeg afgerond. De impact van de financiële uitkomsten van dit zelfonderzoek zijn beperkt (en hiermee is rekening gehouden in de jaarrekening 2018). Dit omdat het UMCG zelf al langere tijd actief stuurt om te komen tot juiste registraties en declaraties. Binnen het UMCG lopen diverse trajecten om verdere verbetering aangaande declareren aan te brengen, zoals het project Horizontaal Toezicht in de Zorg. In 2019 wordt verder geïnvesteerd om de organisatie gereed te maken voor Horizontaal Toezicht. Dit project wordt opgepakt binnen het programma ‘vastlegging van zorg’.

Begin 2019 is gestart met een soortgelijk onderzoek over het jaar 2018.
Met de zorgverzekeraars is afgestemd dat het UMCG gebruik mag maken van de stimuleringsregeling. Dit houdt in dat niet  het gehele zelfonderzoek hoeft te worden uitgevoerd, maar dat alleen de controlepunten met de grootste risico’s moeten worden onderzocht. Bij de uitvoering zal gebruik worden gemaakt van landelijke software. Hiermee wordt beoogd een betrouwbaarder en transparantere uitvoering te krijgen.Tevens is een voordeel dat deze software relatief eenvoudig de financiële impact kan berekenen. Er is een inschatting gemaakt van de mogelijke financiële uitkomsten van dit zelfonderzoek en hiermee is rekening gehouden in de jaarrekening 2018.

Overige opbrengsten
In 2018 zijn voor de komende jaren geen kortingen aangekondigd voor de Beschikbaarheidsbijdrage academische component (BBAZ). Wel zijn subsidiebedragen gevoelig voor bezuinigingen in het kader van regeerakkoorden. Onder de naam ROBIJN loopt in afstemming met VWS een traject om beter zichtbaar te maken wat UMC’s doen met de BBAZ. De BBAZ bestaat uit twee delen: topreferente functie (TRF) en ontwikkeling & innovatie (O&I). Op basis hiervan zal vanaf 2020 een herverdeling plaatsvinden tussen UMC’s van de BBAZ.

Ook zijn in 2018 voor de komende jaren geen kortingen aangekondigd voor de rijksbijdragen onderwijs en onderzoek (waaronder de werkplaatsfunctie en het opleidingsfonds). Wel is er op dit moment onzekerheid betreffende een mogelijke aanpassing door OC&W van het bekostigingsmodel universitair onderwijs, waarbij er meer middelen beschikbaar zouden moeten komen voor de bèta-opleidingen die onder Natuur en Techniek vallen.

De verwachting is dat in het najaar 2019 duidelijk wordt of en hoe de minister binnen het bestaande kader hiervoor meer geld wil vrijmaken. Op dit moment is nog niet duidelijk wat de mogelijke gevolgen kunnen zijn voor de niet bèta-opleidingen.

5.8.2 Financiële risico’s door interne ontwikkelingen

De komende jaren zal het UMCG omvangrijke investeringen blijven doen op het gebied van bouw en ICT. Belangrijke en omvangrijke bouwprogramma’s betreffen de komende jaren de Hotfloor, renovatie poliklinieken, renovatie verpleeglagen en de nieuwbouw van de Universitair Centrum Psychiatrie (UCP). Omdat de bouwprogramma’s  plaats vinden in bestaande bouw, waarbij continuering zorgactiviteiten voorop staat, vinden er verdringingseffecten plaats. De afgelopen jaren is het IT landschap van het UMCG vernieuwd met de implementatie van een nieuw ERP (mei 2017), EPD (december 2017) en HR systeem (januari 2019). De komende jaren staan naast doorontwikkeling van functionaliteit vooral in het teken van het optimaliseren van de werkprocessen rondom het gebruik van deze systemen.

Het UMCG wil blijven innoveren en groeien in innovatieve en complexe zorg. Ook zullen maatregelen voor werkdrukverlichting in het primaire proces leiden tot een toename in de kosten. De verwachting is dat verzekeraars de komende jaren beperkt bereid zullen zijn deze kostenstijgingen te compenseren. Daarom is het UMCG in 2015 gestart met een kostenreductieprogramma (Ruimte voor Groei en Innovatie) met als doel om in de periode 2016-2021 € 50 miljoen te bezuinigen, zodat het kostenniveau niet sneller stijgt dan de groei in opbrengsten. De focus in dit kostenreductieprogramma ligt met name op inkoop en doelmatigheid van de stafondersteuning, het primaire proces wordt zoveel mogelijk ontzien. Van de kostenreductie van € 50 mln. is een bedrag van € 20 mln. gereserveerd om in de jaren 2019-2022 te herinvesteren groei, innovatie en werkdrukverlichting.

Lees meer

5.8.3 Financiële risico’s inzake deelnemingen

Het jaar 2018 heeft voor het OZG in het teken gestaan van de verhuizing naar het nieuw gebouwde ziekenhuis in Scheemda. Het thema dat het OZG zich voor 2019 stelt is ‘Ommelander op Orde’. In het kader van de verhuizing dienen nog een aantal zaken afgerond te worden. Hiervoor zijn maatregelen getroffen door het OZG. Daarnaast wordt er focus gelegd op een toekomstbestendig zorglandschap in de regio Noordoost-Groningen met al haar uitdagingen op bijvoorbeeld productie-en personeelsgebied. Hiervoor vindt samenwerking plaats in de regio en met de zorgverzekeraars.

Voor UMCG Research B.V. werd het resultaat in 2017 eenmalig positief wordt beïnvloed door schenkingen. De komende jaren zullen fondsen uitgeput gaan worden conform de doeleinden waarvoor ze zijn bestemd. Deze uitputting bleef in 2018 achter ten opzichte van de begroting, maar zal naar verwachting de komende jaren alsnog gaan plaatsvinden. 

De belangrijkste deelnemingen van UMCG Zorg B.V. zijn SteriNoord B.V. (51%) en Apotheek A15 Holding B.V. (50%).

Het risico van de exploitatie van SteriNoord zit in de omvang van de afname van diensten door het UMCG en OZG B.V. De lagere OK capaciteit bij het UMCG heeft een negatief effect op het resultaat van SteriNoord. Er zijn initiatieven gestart in 2018 om het aantal afnemers van SteriNoord te laten toenemen om de capaciteit volledig te kunnen benutten en hiermee het risico van tekorten door onderbezetting te voorkomen.

Inzake Apotheek A15 Holding treedt in 2019 Radboud UMC toe als derde partner naast EMC en UMCG. Radboud UMC treedt voor een derde toe, waarmee de drie aandeelhouders een gelijkwaardige positie hebben. Mede door deze toetreding is het risico van het niet volledig benutten van de capaciteit gering geworden. Los van de toetreding van Radboud UMC zijn de resultaten van Apotheek A15 sinds 2018 positief.

De exploitatie van Lifelines Databeheer B.V. is resultaatneutraal verwerkt in de cijfers van het UMCG. Er is  vervolgfinanciering van Lifelines na 2018 door de landelijke overheid en lokale overheden. De RUG houdstermaatschappij is met ingang van 25 april 2018 medeaandeelhouder van Lifelines. De RUG zal de komende 5 jaar een bijdrage van in totaal maximaal € 5 mln. leveren aan de instandhouding van de basale infrastructuur. Vanuit het UMCG wordt de komende jaren een bedrag van € 10 mln. ter beschikking gesteld.

5.8.4 Financiële instrumenten

Het UMCG beschikt over een treasurystatuut die in 2018 is geactualiseerd. Hierin is als algemene doelstelling opgenomen het bijdragen aan de financiële continuïteit van de organisatie. Hieronder valt onder meer het waarborgen van de financierbaarheid van de organisatie, het beheersen van de (potentiële) financiële risico’s van de organisatie, het optimaliseren van het rendement op de liquiditeiten en de renteresultaten binnen de limieten en richtlijnen van het treasurystatuut en het zorgdragen voor een effectief en efficiënt betalingsverkeer. Het UMCG maakt geen gebruik van derivaten.

Ten aanzien van het gebruik van financiële instrumenten zijn de doelstellingen en het beleid van het UMCG inzake de afdekking van risico’s verbonden aan alle belangrijke soorten voorgenomen transacties aldus gericht op de financiële continuïteit van de organisatie. De krediet-, liquiditeits- en kasstroomrisico’s worden ondervangen door het proactief monitoren van de liquiditeitsontwikkeling en de vermogensstructuur. Het UMCG brengt de verwachte liquiditeitsontwikkeling in beeld met behulp van een liquiditeitsplanning die inzicht verschaft in de belangrijkste categorieën kasstromen van de organisatie, waarbij een onderscheid wordt gemaakt tussen operationele-, investerings- en financieringskasstromen. Periodiek worden verschillen tussen planning en realisatie geanalyseerd. De ontwikkeling van de vermogensstructuur vloeit voort uit het (strategische) beleid van het UMCG en komt tot uitdrukking in de (meerjaren)begroting en de jaarrekening. Voor de toegang tot de kapitaal- en geldmarkt is het mede van belang de ontwikkeling van deze vermogensstructuur te bewaken. De (toekomstige) ontwikkeling van de solvabiliteitsratio wordt dan ook periodiek nauwlettend gemonitord. Het UMCG voldoet op dit vlak aan de eisen die de externe financiers stellen.

De doorlooptijd van het volledige behandelingsproces en de noodzaak van eigen voorfinanciering van het OHW(onderhanden werk), legt druk op de liquiditeiten. De effecten zijn voor het UMCG beperkt, vanwege de goede financiële uitgangspositie en afspraken met zorgverzekeraars. Door de implementatie in 2017 van het nieuwe EPD zijn in 2018 conform  verwachting facturatiedips opgetreden. Met de meeste zorgverzekeraars waren hierover afspraken gemaakt voor bevoorschotting. Tevens waren voor 2018 afspraken gemaakt met de huisbankiers inzake het verstrekken van tijdelijke werkkapitaalfinanciering. In 2019  zal de facturatie nog tijdelijk vertragingseffecten ondervinden van de invoering van het nieuwe EPD. De financiering hiervan is in voldoende mate geborgd.

5.9 Financiële analyse

Het UMCG heeft geen winstoogmerk. Gegeven de toenemende risico’s die ziekenhuizen moeten dragen en de investeringen die wij willen doen in ICT, bouw en innovaties is een goed weerstandsvermogen en aldus rendement wel vereist. Het UMCG heeft meerdere deelnemingen. Uitgangspunt is dat deze zelfstandig financieel verantwoordelijk zijn en dus in principe geen garanties vanuit de moeder (UMCG) aan banken voor leningen van deze deelnemingen worden gegeven. In bepaalde gevallen is van dit beleid afgeweken. Dit is toegelicht in de jaarrekening onder de Niet uit de balans blijkende verplichtingen. Voorgaande betekent ook dat de bankconvenanten van het UMCG  sec betrekking hebben op de uitkomsten van de enkelvoudige jaarrekening. Dit is de reden dat in onderstaande analyse deze ook wordt toegelicht.

Financiële inzet  op speerpunten
De doelstellingen op de verschillende kerntaken (zie hoofdstuk 6) worden ondersteund door gericht hier financiële middelen aan te besteden. Het UMCG richt zich bijvoorbeeld op de complexe zorg. Hierdoor is al enkele jaren sprake van groei in deze zorgactiviteiten, zoals transplantaties, (complexe) oncologie en innovatieve behandelingen. Daar staat tegenover een daling in de zorgactiviteiten (de zogenaamde basiszorg), die  in samenspraak met zorgverzekeraars en andere ziekenhuizen buiten het UMCG worden verricht. Bovenstaande beleidsrichting is afgesproken met zorgverzekeraars en leidt tot een andere zorgportfolio, zich uitend in (per saldo) groei of krimp in activiteiten (opnames, aantal eerste consulten). De groei in zorgopbrengsten heeft dan ook vooral betrekking op dure geneesmiddelen en niet planbare zorg. Niet alle groei in complexe zorg kan worden gefinancierd uit de groei aan externe opbrengsten. Daarom wordt een belangrijk deel van de baten van het programma ‘ruimte voor groei en innovatie’ (zie paragraaf 5.8) hiervoor bestemd.

Om de infrastructuur zodanig te houden dat deze onze academische kerntaken goed ondersteunt, investeert het UMCG in IT, bouw en faciliteiten (bijvoorbeeld centrale vriezerfaciliteit en apparatuur). In 2017, 2018 en komende jaren is en wordt fors geïnvesteerd in IT, waaronder het EPD (2016-2019: € 150 miljoen),  en  bouw (2019 -2023: ruim € 300 miljoen), zoals de renovatie en nieuwbouw van de Hotfloor, renovatie van verpleegafdelingen  en nieuwbouw  Universitair centrum voor Psychiatrie. 

Binnen UMCG O&O zal naast de genoemde investeringen in faciliteiten en infrastructuur de komende jaren fors geïnvesteerd worden in het versterken van de onderzoekstrategie en de ontwikkeling van talentmanagement. Deze investeringen zullen worden gefinancierd uit de reserves die in de afgelopen jaren opgebouwd zijn.

De dochters binnen de UMCG-groep zijn financieel zelfstandig en verantwoordelijk. Zij maken zelf afspraken met financiers en bijvoorbeeld verzekeraars. Het UMCG staat hierbij niet garant voor deelnemingen, tenzij hierover specifieke afspraken worden gemaakt. Waar van toepassing zijn deze garantstelling gemeld in de jaarrekening van het UMCG. Om bovengenoemde reden vindt financiële sturing binnen het UMCG plaats op het enkelvoudige resultatenrekening en balans, exclusief de deelnemingen.

Vergelijking resultaat 2018 -2017
Het geconsolideerde resultaat over 2018 bedraagt € 15,1 miljoen (2017: 36,7 miljoen na stelselwijzigingen en € 27,9 miljoen voor stelselwijzigingen). Het resultaat is ten opzichte van 2017 dus gedaald met € 21,6 miljoen.

Resultaat 2018 2017
Enkelvoudig exclusief deelnemingen en stelselwijziging € 3,2 mln. € 19,2 mln.
Effect stelselwijziging € 8,9 mln. € 8,9 mln.
Enkelvoudig exclusief deelnemingen € 12,1 mln. € 28,1mln.
Deelnemingen € 0,7 mln. € 6,0 mln.
Groepsmaatschappijen € 2,3 mln. € 2,5 mln.
Geconsolideerd resultaat € 15,1 mln. € 36,7 mln.

Ten behoeve van de vergelijking is het effect van de stelselwijziging op 2017 ook toegepast op 2018.

In 2018 hebben twee stelselwijzigingen plaatsgevonden. Enerzijds heeft inzake de verwerking van groot onderhoud een overgang plaatsgevonden van de egalisatievoorziening groot onderhoud naar de componentenbenadering. Anderzijds heeft een stelselwijziging plaatsgevonden inzake het (niet meer) activeren (en dus afschrijven) van bouwrente. Dit heeft op het resultaat 2017 (vergelijkende cijfers 2018) een positief effect gehad van € 8,9 miljoen.

Resultaat deelnemingen
Het resultaat van de deelnemingen is  € 5,3 miljoen lager dan in 2017. Dit komt door het lagere resultaat van OZG B.V. (€ 0,5 miljoen ten opzichte van € 3,4 miljoen in 2017) en door het lagere resultaat van UMCG Research B.V. (€ 0,0 miljoen ten opzichte van € 2,4 miljoen in 2017). De daling van het resultaat OZG wordt veroorzaakt door hogere afschrijvingen op de gerealiseerde nieuwbouw.

Bij OZG B.V. wordt dit voornamelijk (€ 2,4 miljoen) veroorzaakt door hogere algemene kosten als gevolg van de verhuizing naar de nieuwe locatie in Scheemda. Bij UMCG Research B.V. wordt dit voornamelijk (€ 1,8 miljoen) veroorzaakt, doordat in 2017 zeven stichtingen zijn overgezet naar fondsen, wat in 2017 leidde tot een bate (schenking van stichtingsvermogen). Het komende jaar groeit OZG toe naar de gewenste zorgportfolio en personele bezetting.

Alle deelnemingen verwachten komende jaren conform business plannen positief te draaien. Belangrijke aspecten bij de deelnemingen zijn de start van de derde screeningsronde Lifelines, het verkrijgen van de beoogde positie in het veranderende zorglandschap (OZG) en de werving en behoud van gekwalificeerd personeel (RAV, OZG).

Resultaat enkelvoudig exclusief deelnemingen
In deze resultaatsanalyse wordt verder ingegaan op de cijfers van de enkelvoudige jaarrekening van het UMCG. In onderstaande grafiek is de ontwikkeling van het financieel resultaat van de enkelvoudige jaarrekening exclusief deelnemingen weergegeven. De interne streefwaarde is om jaarlijks een resultaat van ca. € 10 mln. te realiseren. Wanneer het resultaat wordt genormaliseerd voor incidentele baten en lasten is de ontwikkeling als volgt:

Resultaat 2018 2017
Enkelvoudig exclusief deelnemingen € 12,1 mln. € 28,1mln.
Af: incidentele baten -/- € 27,0 mln. -/- € 35,5 mln.
Bij: incidentele lasten € 25,9 mln. € 33,0 mln.
Genormaliseerd resultaat € 11,0 mln. € 25,6 mln.
Effect stelselwijzigingen -/- € 8,0 mln. -/-€  8,7 mln.
Genormaliseerd resultaat excl. effect stelselwijziging € 3,0 mln. € 16,9 mln.

De afname in het genormaliseerd resultaat ten opzichte van 2017 kan in hoofdlijnen worden verklaard door de geplande (aanloop)kosten van nieuwe behandeltherapieën,  de effecten van de knelpunten in de kritische capaciteit op OK en IC en door de uitbreiding van verpleegkundig personeel en andere kosten om de werkdruk te verlichten. Het genormaliseerd resultaat exclusief het effect van de stelselwijzigingen is nagenoeg op begroot niveau (€ 0,6 mln.). Door het ingezette doelmatigheidsprogramma ‘Ruimte voor Groei en Innovatie’ zal dit resultaat de komende jaren toenemen, waardoor het UMCG blijvend kan investeren in kwaliteit en innovaties.

De belangrijkste mutaties in 2018 t.o.v. 2017 voor de verschillende opbrengst categorieën en kosten worden hierna toegelicht. De belangrijksten incidentele baten in de jaren 2017 en 2018 vormt de uitloop  van de reservering transplantatiegelden van circa € 12 mln. per jaar, die na 2019 komt te vervallen.

Opbrengsten
Binnen het UMCG is sprake van een geïntegreerde (financiële) sturing, hetgeen wil zeggen dat – vooral met betrekking tot de lasten – geen afzonderlijke financiële sturing plaatsvindt naar de verschillende kerntaken. Met betrekking tot de opbrengsten constateren wij de volgende ontwikkelingen:

Zorgprestaties
Met de meeste zorgverzekeraars zijn lange termijn afspraken gemaakt gebaseerd op het hoofdlijnenakkoord, waarbij afspraken gemaakt zijn over groei, portfolio, niet planbare zorg, doelmatigheid en innovaties. De opbrengsten patiëntenzorg zijn – volgend uit de gemaakte afspraken met zorgverzekeraars – toegenomen met € 6,5 miljoen. Deze groei heeft betrekking op prijsindexatie, volumegroei in complexe zorg en groei in de vergoeding van dure geneesmiddelen. Tegenover deze groei in opbrengsten voor dure geneesmiddelen staat een toename van de desbetreffende patiëntgebonden kosten. De overige zorgprestaties zijn toegenomen met € 7,9 miljoen. Deze toename zit in de onderlinge dienstverlening (ODV) mede als gevolg van de samenwerking met het Prinses Maxima Centrum als gevolg van shared care. Hier staat tegenover dat de DBC-zorgopbrengsten zijn verlaagd voor de overheveling van zorg naar het Prinses Maxima Centrum.

Overige opbrengsten
De Rijksbijdrage voor de werkplaatsfunctie en de medische faculteit is per saldo toegenomen met € 9,6 miljoen, onder andere  als gevolg van loonbijstelling en de compensatie herstelopslag pensioenpremies in het kader van het loonruimteakkoord. Deze groei in opbrengsten dient dus ter compensatie voor een vergelijkbare groei in kosten.

Op het gebied van onderzoek constateren wij een kleine toename in de omzet in de 2e tot en met 4e geldstroomprojecten van € 0,4 miljoen. Op basis van in de afgelopen periode verworven subsidies en de ontwikkelingen op het gebied van samenwerking met het bedrijfsleven wordt de komende jaren een toename van deze opbrengsten verwacht.

Kosten
De stijging van de bedrijfslasten komt vooral door een stijging in de personele kosten (€ 27,5 miljoen), een stijging van de afschrijvingen (€ 4,8 miljoen) en van de overige bedrijfskosten (€ 6,1 miljoen).

Personeelskosten
De toename in de personele kosten wordt voornamelijk veroorzaakt door hogere kosten als gevolg van de stijging van het gemiddeld aantal fte met 149 fte (1,6%). Deze toename zit bij verpleegkundig  personeel en algemeen personeel. Bij het verpleegkundig personeel is de keuze gemaakt om meer verpleegkundigen te gaan opleiden en medewerkers aan te stellen om de werkdruk in het primaire proces te verlichten. De toename in algemeen personeel kan verklaard worden door groei in aanstellingen op externe gefinancierde onderzoeksprojecten.

Afschrijvingen
De toename van de afschrijvingskosten wordt voornamelijk veroorzaakt, doordat vanaf 2018 voor het eerst een volledige jaarlaag wordt afgeschreven op de geactiveerde investeringen in EPD en ERP (effect € 2,8 mln.).

Overige bedrijfskosten
De stijging van de overige bedrijfskosten bedraagt € 6,1 mln.. Enerzijds stijgen de patiënt- en bewonersgebonden kosten met € 18,2 miljoen, anderzijds dalen de andere overige bedrijfskosten met € 12,1mln.,onder andere door lagere ICT- en advieskosten en lagere onderhoudskosten. De daling in ICT- en advieskosten wordt veroorzaakt doordat de IT portfolio gekrompen is ten opzichte van 2017. De stijging van de patiënt- en bewonersgebonden kosten betreft vooral de stijging van de kosten van dure geneesmiddelen, hier tegenover staan hogere opbrengsten.

Solvabiliteit en financieringsverhoudingen (enkelvoudig)
Het UMCG beschikt eind 2018 over een eigen vermogen van € 375 miljoen (2017: € 360,4 miljoen). Het eigen vermogen uitgedrukt als percentage van het balanstotaal, de zogenaamde solvabiliteitsratio, is 38,8% (2017: 36,0%). Voor de stelselwijziging(en) bedroeg dit percentage in 2017 overigens 25,7%. Hiermee voldoet het UMCG ruim aan de eisen van vreemd vermogensverschaffers.

De financiering van de materiële vaste activa vond ultimo 2018 plaats met lang (eigen en vreemd) vermogen. Dit geldt ook voor het zogenaamde ‘vaste deel’ van de vorderingen. De loan-to-value (verhouding tussen langlopende schulden en boekwaarde materiële vaste activa) bedraagt eind 2018 50,8 % (2017: 55,3%). Hiermee voldoet het UMCG aan de interne normen van haar treasurystatuut. De solvabiliteit en financieringsverhoudingen zijn – naast het resultaat over 2018, investeringen en aflossingen op langlopende leningen  – in sterke mate beïnvloed door de toegepaste stelselwijziging met betrekking tot de egalisatievoorziening groot onderhoud en het (niet) activeren van bouwrente. In zijn totaliteit zijn de voorgenomen investeringen voor bouwprojecten achtergebleven bij de planning. De stelselwijziging heeft overigens, vanwege de gehanteerde afschrijvingstermijnen, op de afschrijvingskosten 2018  slechts een beperkt effect gehad.

Liquiditeitsanalyse
Het totaal aan liquide middelen bedroeg geconsolideerd ultimo 2018  € 126 miljoen (ultimo 2017: € 229 miljoen). Voor een toelichting op deze mutatie wordt verwezen naar het kasstroomoverzicht in de jaarrekening. Door adequaat werkkapitaalbeheer en goede afspraken met zorgverzekeraars, is sprake van een goede liquiditeitspositie. Dit blijkt ook uit de liquiditeitsratio’s, zoals de DSCR (debt service coverage ratio), die enkelvoudig in 2018 2,0 bedraagt (2017: 3,6). Hiermee voldoet het UMCG ruimschoots aan de eisen van vermogensverschaffers. In 2018 is dit ratio incidenteel laag, omdat in september 2018 twee ASN leningen versneld zijn afgelost.

Financiële vooruitblik naar 2019 en komende jaren
Komende jaren zullen we fors investeren in bouw en IT. Daarnaast zullen we de ingezette transitie naar complexe zorg vervolgen en investeren in onderzoeksfaciliteiten. Omdat de kostentoename volgend uit deze investeringen niet door subsidiegevers of zorgverzekeraars wordt betaald, is het noodzakelijk kosten te reduceren. Dit doen we via het programma ‘ruimte voor groei en innovatie’, met een kostenreductiedoelstelling voor 2018 t/m 2021van € 35 miljoen.

De middelen voor voorgenoemde investeringen zijn gereserveerd in de meerjarenbegroting. Daarbij dient te worden opgemerkt dat hierbij (zeer beperkt) rekening is gehouden met het effect van moeilijk vervulbare vacatures, zowel op de kosten als activiteitenniveau (opbrengsten). Ook zijn onze financiële buffers zodanig dat deze forse investeringen niet leiden tot het niet voldoen aan eisen die banken en andere toezichthouders aan ons stellen.

In 2019 heeft een balansfinanciering van € 140 miljoen plaatsgevonden. Per 1 april en per 1 juli zijn twee leningen aangetrokken van elk € 70 miljoen om de gedane bouwinvesteringen 2015 t/m 2018, de begrote bouwinvesteringen 2019 en de versnelde aflossingen op leningen in 2016 en 2018 (FGH/ASN) te financieren. Beide lineaire leningen worden verstrekt door de BNG bank. De eerste lening heeft een looptijd van 30 jaar en een rente van 1,395% vast, de tweede lening heeft een looptijd van 20 jaar en een rente van 1,195% vast. Beide hebben vanaf 2019 een lineaire aflossing per kwartaal. Naar aanleiding van de stelselwijziging 2018 heeft de BNG bank per 1 januari 2019 de gecorrigeerde solvabiliteitseis met dit effect verhoogd van 13% naar 20%.

In 2018 was de rekening courantfaciliteit tijdelijk uitgebreid tot € 200 miljoen t/m 31 december 2018. Voor de maand januari 2019 heeft een uitbreiding tot € 100 miljoen (i.p.v. € 200 miljoen) van de rekening courantfaciliteit plaatsgevonden. Vanaf 1 februari 2019 is dit weer op de gebruikelijke omvang van € 50 miljoen gezet.

Het UMCG heeft een goede financiële uitgangspositie voor de komende jaren waarin de financiële onzekerheden toenemen.